De rekensom
Bij twee dagen ZZP betaal je € 60.000 per jaar. Een part-time medewerker op 0,4 FTE kost je, ook op modaal, al snel rond de € 24.000 inclusief werkgeverslasten. Dat is een verschil van meer dan € 36.000 per jaar voor dezelfde beschikbare tijd.
De vergelijking kantelt pas als je de flexibiliteit serieus meeweegt, of als het gaat om specialistische kennis die je niet structureel nodig hebt.
Schijnzelfstandigheid verandert de markt
De overheid handhaaft steeds strenger op schijnzelfstandigheid: situaties waarin een ZZP'er zich als zelfstandige presenteert, maar in de praktijk als werknemer functioneert. Er zijn meer criteria, maar grofweg kun je zeggen: werkt iemand langdurig voor één opdrachtgever en is hij economisch vrijwel volledig afhankelijk van diezelfde opdrachtgever? Dan is er een risico op kwalificatie als dienstverband.
Dat heeft een praktisch gevolg: de poule beschikbare ZZP'ers wordt kleiner. Het flexibiliteitsargument voor ZZP is minder vanzelfsprekend dan een paar jaar geleden.
Meer informatie over schijnzelfstandigheid vind je op de website van de belastingdienst.
Flexibiliteit versus opgebouwde kennis
Buiten het kostenplaatje is het een afweging tussen voornamelijk twee dingen. Een ZZP'er geeft je een flexibele schil, makkelijker te beëindigen, geen langdurige verplichtingen. Maar je bouwt intern geen expertise op. Huur je iemand in voor het bouwen of beheren van processen, dan vertrekt die kennis mee als het contract stopt.
Iemand in dienst groeit mee. Die bouwt kennis op die ingezet kan worden om processen te verbeteren en anderen op te leiden. Dat heeft waarde die zich niet direct in een rekensom laat uitdrukken.
Wel moet je onthouden dat ZZP'ers vaak anders werken. Ze zijn tenslotte zo goed als hun laatste klus. Waardoor ze vaak minder ziek zijn, maar ook zorgen dat deadlines behaald worden en hun output goed blijft.
Soms kan het ook goed zijn om juist een extern iemand in te huren, omdat deze minder last heeft van interne politiek en met een frisse blik naar dingen kan kijken.
Drie vragen die de keuze bepalen
- Hoe structureel is de behoefte? Bij doorlopend werk zonder einddatum is vast bijna altijd goedkoper en logischer.
- Hoe specialistisch is de kennis? Als je iets inhuurt wat je intern wilt borgen, is een arbeidscontract de aangewezen weg.
- Wat is je financiële buffer? Vaste personeelskosten zijn minder flexibel. Wie te weinig buffer heeft voor een tegenvallend kwartaal, neemt een risico bij structurele vaste lasten.
Wie eerlijk antwoord geeft op die drie vragen, weet meestal al welke kant het op moet.
Klaar om de volgende stap te zetten in je groei? We helpen je op weg met ons handige groeiplan.